arbeidsongeval

Arbeidsongeval

Kennis Artikelen Arbeidsrecht

Een arbeidsongeval kan op vele manieren gebeuren. Iemand kan van een ladder vallen, kan een auto-ongeluk krijgen, kan jarenlang met asbest hebben gewerkt en kanker hebben ontwikkeld of kan met een burn-out thuis komen te zitten. Het zijn allemaal voorbeelden van een arbeidsongeval.

De vraag die in dit artikel aan de orde komt is: Wanneer heeft een werknemer recht op schadevergoeding na een arbeidsongeval?

Arbeidsongeval

Een arbeidsongeval komt vaak voor: in 2008 bijvoorbeeld viel er 230.000 keer een arbeidsongeval voor met letsel dat tot verzuim van de werknemer leidde. Dat is ongeveer één ongeval per twee minuten, 24 uur per dag. Hierbij belandden 4600 personen in het ziekenhuis terwijl 98 personen overleden ten gevolge van een arbeidsongeval.

Wanneer zoiets gebeurt wordt er natuurlijk schade geleden, zowel omdat iemand niet kan werken (al is er bij ziekte meestal een loondoorbetalingsverplichting), als omdat iemand tijdelijk of blijvend letsel heeft opgelopen waar hij last van heeft.

Aansprakelijkheid in het geval van een arbeidsongeval

Hoewel de wet als uitgangspunt heeft dat iedereen zijn eigen schade moet dragen, zijn daar (zoals gebruikelijk) uitzonderingen op. Dit is ook zo bij een arbeidsongeval.

Aansprakelijkheid bij schade door een arbeidsongeval kan op twee manieren worden vastgesteld: via het speciale beginsel dat de werkgever aansprakelijk is voor gevaar wanneer hij niet voor voldoende bescherming heeft gezorgd en via het algemene beginsel van het goed werkgeverschap.

Aansprakelijkheid bij schade

Voor de aansprakelijkheid bij een arbeidsongeval geldt als regel dat de werkgever aansprakelijk is voor de schade die wordt geleden tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Kortom: is er schade én is die schade geleden tijdens het werk, dan moet de werkgever schadevergoeding betalen. Dat is de regel bij een arbeidsongeval. De schade kan behalve fysieke schade, ook psychische schade (burn-out/depressie etc.) inhouden.

Dit is echter niet het geval wanneer de schade ontstaan is uit een arbeidsongeval waarbij die schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of van bewuste roekeloosheid van de werknemer. Bijvoorbeeld: wanneer de dakdekker opzettelijk van het dak springt en daarmee dus een arbeidsongeval creëert, is de werkgever niet aansprakelijk voor de schade. Logisch, al zal een dergelijke situatie waarschijnlijk nooit voorkomen.

Ook wanneer de dakdekker bewust roekeloos is op het dak is de werkgever niet aansprakelijk. Ook dat zal vrijwel nooit voorkomen. Voor bewuste roekeloosheid is namelijk nodig dat de werknemer direct voor zijn bewust roekeloze gedrag wist dat hij bewust roekeloos was, bijvoorbeeld door een waarschuwing van zijn baas. De waarschuwing die de dag ervoor of een uur ervoor was gegeven is niet voldoende.

Wanneer de werkgever voldoende voorzorgsmaatregelen heeft genomen tegen het gevaar en de eventueel daaruit voortkomende schade, is hij ook niet aansprakelijk voor de schade die is ontstaan uit het arbeidsongeval. De vraag is in dit geval echter: welke risico’s had hij behoren te kennen en hoeveel bescherming daartegen is voldoende? Wat is zijn zorgplicht?

Welke bescherming tegen een arbeidsongeval is voldoende?

Wanneer moet worden gekeken naar de verplichtingen van een werkgever om een arbeidsongeval te voorkomen (de zorgplicht), wordt de Arbeidsomstandighedenwet (arbowet) als minimumnorm genomen.

In de arbowet staat dat de werkgever onder andere het risico op een arbeidsongeval moet inventariseren, hij een plan van aanpak moet maken voor maatregelen om die risico’s in te perken, hij moet zorgen voor goede instructies voor de werkzaamheden, hij beschermingsmiddelen moet verstrekken en instructies over het gebruik ervan, hij monotone en tempogebonden arbeid zoveel als mogelijk vermijdt en hij ervoor zorgt dat bij ongevallen goede eerste hulp en evacuatiemogelijkheden aanwezig zijn.

Ten slotte staat in de arbowet dat de werkgever een beleid moet voeren dat gericht is op zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden. Dat houdt dus in dat de arbowet gevolgd moet worden, maar er soms ook nog extra maatregelen nodig zijn om aan de zorgplicht te voldoen om zodoende een arbeidsongeval te voorkomen. Zo moet de werkgever om een arbeidsongeval te voorkomen onervaren werknemers extra instrueren, maar moet hij bijvoorbeeld ook rekening houden met het ‘ervaringsfeit’, het feit dat werknemers door hun ervaring onvoorzichtig worden. Veiligheidsinstructies en trainingen moeten dus regelmatig worden gegeven.

Wanneer de werkgever niet voor de bovenstaande zaken zorgt en een arbeidsongeval vindt daardoor plaats, dan heeft hij niet aan de zorgplicht voldaan en geldt dus de regel: ‘schade tijdens de uitvoering van de werkzaamheden = schadevergoeding’. Hij zal dan dus moeten betalen.

Goed werkgeverschap

Naast de specifieke aansprakelijkheid bij een arbeidsongeval (zie hierboven), kan de werkgever ook via het algemene ‘goed werkgeverschap’ worden aangesproken tot vergoeding van ontstane schade bij de werknemer. Dit kan worden gedaan in het geval er geen gebruik kan worden gemaakt van de speciale regel van aansprakelijkheid bij een arbeidsongeval. Er zijn twee situaties waarin een beroep op goed werkgeverschap in dit geval mogelijk is.

Allereerst zijn er de ongelukken die buiten werktijd, dus in de privésfeer gebeuren. Een val van een keukentrapje zal er echter meestal niet onder vallen. Om een beroep op goed werkgeverschap te laten slagen in het geval van een arbeidsongeval in de privésfeer, moet er namelijk sprake zijn van een, aan de werkgever bekend, specifiek en ernstig gevaar. Dit werd bijvoorbeeld door de Hoge Raad aanwezig geacht in het geval waar een psychiatrische hulpverlener (reclasseringsambtenaar) door een cliënt thuis werd opgezocht en de cliënt hem een aantal malen met een hamer op het hoofd sloeg. Hoewel dit strikt gezien geen arbeidsongeval was, moest de werkgever toch schadevergoeding betalen.

Naast ongelukken in de privésfeer zijn er verkeersongevallen. Een arbeidsongeval bij een beroepschauffeur met bedrijfsauto/bus/vrachtwagen tijdens werktijd kan uiteraard onder de specifieke regel worden geschaard. Maar wat als iemand zijn eigen auto gebruikt?

Wanneer iemand met zijn eigen auto een pakketje voor zijn werkgever gaat afleveren en dan een ongeval krijgt, is er ook een recht op schadevergoeding via het beginsel van goed werkgeverschap volgens de Hoge Raad. Ook oordeelde de Hoge Raad dat iemand die naar een project toe moest rijden van huis uit en op weg een verkeersongeval kreeg, recht had op schadevergoeding.

Arbeidsongeval – Conclusie

Een werkgever is vaak aansprakelijk wanneer een arbeidsongeval gebeurt, zélfs op momenten dat ‘de man uit de straat’ zou zeggen dat het de schuld van de werknemer is dat er schade is ontstaan. Om die aansprakelijkheid te voorkomen is het verstandig dat de werkgever alle arboregels in acht neemt en zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden verzorgt. De gehele aansprakelijkheid (ook via goed werkgeverschap) uitsluiten lijkt vrijwel onmogelijk.

Vindt er op een bepaald moment een arbeidsongeval plaats, dan is het verstandig om juridische bijstand in te schakelen en contact op te nemen met een goede jurist. Voor de werknemer wanneer hij schadevergoeding wil, voor de werkgever wanneer de werknemer met een vordering tot schadevergoeding vanwege een arbeidsongeval instelt.

Auteur

mr. B.G.N. (Bart) Gubbels - Advocaat
handels- en ondernemingsrecht, arbeidsrecht, contractenrecht


Juridische hulp nodig?

Onze advocaten laten u graag weten wat ze voor u kunnen betekenen: van adviseren tot procederen. Lees meer over onze zakelijke diensten, onze diensten voor particulieren of neem direct contact met ons op via onderstaande knop.

Neem contact op