echtscheiding

Echtscheiding

Kennis Artikelen Personen- en familierecht

Het huwelijk kan op verschillende manieren eindigen: door overlijden van een van de echtgenoten, door het hertrouwen van een echtgenoot nadat de ander is vermist en (vermoedelijk) overleden is verklaard, door ontbinding na scheiding van tafel en bed én door de echtscheiding. Dit artikel zal het einde van het huwelijk door echtscheiding bespreken.

Verzoek tot echtscheiding

De echtscheiding zorgt voor het einde van het huwelijk. Er kan een verzoek tot echtscheiding worden ingediend door beide echtgenoten samen of door een van hen alleen.

Wanneer de echtscheiding wordt uitgesproken op verzoek van beide echtgenoten moet het huwelijk duurzaam ontwricht zijn. Dit is ook een voorwaarde voor het eenzijdig aanvragen van de echtscheiding. In de praktijk zal er vrijwel altijd sprake zijn van een duurzaam ontwricht huwelijk wanneer er een verzoek wordt gedaan, ook wanneer de echtscheiding eenzijdig wordt verzocht.

Wanneer de echtscheiding is verzocht, kan het verzoek nog worden ingetrokken tot het moment van het uitspreken van de echtscheiding.

Echtscheiding: opsplitsen vermogen

Wanneer er een echtscheiding plaatsvindt, zal ook het vermogen in het huwelijk verdeeld worden. Hoe dit precies in zijn werk gaat ligt aan een keuze die bij het aangaan van het huwelijk (en soms daarna nog) is gemaakt: is er sprake van gemeenschap van goederen of van huwelijkse voorwaarden?

Wanneer er sprake is van gemeenschap van goederen wordt het vermogen in principe ‘eerlijk’ verdeeld bij een echtscheiding: elk van de echtgenoten krijgt de helft. Daarbij mogen ze onder andere hun kleding, juwelen en bedrijfsmiddelen (als er sprake is van een bedrijf) meenemen, maar daarvoor moet de andere partner wel worden gecompenseerd. Ook de meeste schulden worden gewoon verdeeld. Er zijn echter ook bepaalde zaken die niet in de gemeenschap van goederen vallen (sommige pensioenaanspraken en erfenissen bijvoorbeeld). Meer hierover is te vinden in het artikel over gemeenschap van goederen.

Wanneer er sprake is van huwelijkse voorwaarden, zal het afhangen van deze voorwaarden hoe de uiteindelijke verdeling eruit zal gaan zien.

Kinderen na de echtscheiding

Voor de kinderen verandert er ook veel na de echtscheiding. Meestal zal vader of moeder ergens anders gaan wonen en zullen ze voornamelijk bij een van de ouders wonen. Het gezamenlijke gezag blijft echter na de echtscheiding bij beide ouders, dus niet enkel bij de ouder waar de kinderen (voornamelijk) verblijven.

De rechter kan besluiten dat het gezag na de echtscheiding aan slechts één ouder toekomt wanneer er een onaanvaardbaar risico is dat het kind ‘klem of verloren zou raken tussen de ouders’ en daar waarschijnlijk geen verbetering in komt of wanneer dat in het belang van het kind noodzakelijk is. Dit kan worden verzocht door beide ex-echtgenoten, door de kinderen van twaalf jaar of ouder of door jongere kinderen die hun eigen belang redelijk kunnen waarnemen.

Wanneer na de echtscheiding het gezamenlijke gezag wordt uitgeoefend, kunnen geschillen optreden. Die kunnen aan de rechtbank worden voorgelegd. De rechtbank neemt de beslissing die voor de kinderen het beste is. Daarnaast kan de rechtbank na een echtscheiding een regeling vaststellen voor de invulling van het ouderlijk gezag. Dat kan zaken betreffen als de verdeling van opvoedingstaken, van de hoofdverblijfplaats van de kinderen en van de manier waarop tussen de ouders belangrijke informatie wordt doorgegeven.

Na de echtscheiding: alimentatie

Wanneer de echtscheiding wordt uitgesproken, kan de rechter op verzoek van een van beide echtgenoten ‘een uitkering tot levensonderhoud toekennen’. Dat houdt simpelweg in dat er alimentatie gevraagd kan worden en dat de rechter dat kan toewijzen bij de echtscheiding. Dit kan zowel voor de ex-partner zijn, als voor de kinderen.

Deze alimentatieverplichting eindigt standaard twaalf jaar nadat de echtscheiding is uitgesproken. Voor kortere huwelijken zonder kinderen geldt een kortere termijn: voor huwelijken die korter dan vijf jaar hebben geduurd geldt diezelfde duur voor de alimentatieverplichting. Twee jaar huwelijk? Dan ook slechts twee jaar alimentatie betalen na de echtscheiding. De rechter kan echter altijd tot een kortere termijn dan de standaard termijn beslissen.

De alimentatieverplichting na de echtscheiding kan ook worden vastgesteld door de (voormalig) echtgenoten zelf. Dit kan plaatsvinden voor én na de echtscheiding. Daarbij kan worden afgesproken dat zelfs de rechter niet meer kan afwijken van wat is afgesproken. In dat geval mag de rechter enkel nog ingrijpen als vlak na het overeenkomen van de alimentatieverplichting de echtscheiding wordt aangevraagd én wanneer er een ingrijpende wijziging van omstandigheden plaatsvindt waardoor het naar redelijkheid en billijkheid niet meer gewenst is om aan het beding vast te houden.

Het einde van de alimentatieverplichting is ook aangebroken wanneer de ontvanger van de alimentatie opnieuw in het huwelijk treedt, een geregistreerd partnerschap aangaat of gaat samenleven alsof een van beide het geval was.

Hertrouwen na echtscheiding

Het is mogelijk dat de beide ex-echtgenoten na de echtscheiding toch tot de conclusie komen dat ze niet zonder elkaar kunnen en wederom met elkaar in het huwelijk treden of een geregistreerd partnerschap aangaan. In dat geval ‘herleeft’ het huwelijk alsof er nooit een echtscheiding is geweest. Dat houdt dus in dat alimentatieverplichtingen vervallen en ook (vrijwel) alle andere gevolgen van de echtscheiding geen navolging vinden.

Echtscheiding – Conclusie

Dit artikel geeft slechts een kleine weergave van de zaken die komen kijken bij een echtscheiding. De werkelijkheid is een stuk complexer. Er moet bij de echtscheiding rekening worden gehouden met de juiste manier van aanvragen, de verdeling van het vermogen, het gezag over de kinderen en alimentatieverplichtingen.

Omdat de werkelijkheid een stuk complexer is en de belangen (kinderen/vermogen) groot zijn, is het verstandig om contact op te nemen met een juridisch specialist wanneer er een echtscheiding aangevraagd moet worden of reeds is aangevraagd.