retentierecht

Retentierecht

Kennis Artikelen Civiel recht

Een eigenaar kan zijn eigendom in beginsel op elk moment opeisen. Heeft iemand anders zijn auto, dan kan hij die, zoals dat heet, revindiceren. De ander is dan verplicht om de auto terug te geven. Zo werkt het met alle goederen waar iemand eigenaar van is: eigendom is een exclusief recht.

Er zijn echter uitzonderingen, waar het retentierecht er een van is. In dit artikel bekijken we het retentierecht: wat is het, wanneer kan het ingeroepen worden en hoe pakt het retentierecht in verschillende situaties uit?

Retentierecht

Het retentierecht is een goederenrechtelijk recht. Het houdt in dat een schuldenaar de nakoming van een verplichting tot afgifte van een zaak aan zijn schuldeiser mag opschorten totdat die schuldenaar zijn vordering heeft voldaan. De schuldenaar kan zich op dat moment op een aantal punten feitelijk gedragen als eigenaar: hij mag de zaak (tijdelijk) achterhouden en zou iemand de zaak van hem afnemen, dan kan hij die terugeisen alsof hij eigenaar was.

De schuldenaar mag zijn retentierecht echter enkel gebruiken indien dat in de wet wordt aangegeven. In andere situaties dan in de wet aangegeven, is het inroepen van het retentierecht niet toegestaan en moet de zaak gewoon worden teruggegeven.

Het retentierecht kan trouwens ook worden ingeroepen tegen derden die een recht op de zaak hebben gekregen nadat de vordering van de schuldenaar was ontstaan. In sommige gevallen kunnen de rechten van derden met een ouder recht ook onder het retentierecht vallen.

Wanneer bestaat er volgens de wet een retentierecht?

In de wet zijn een aantal verschillende mogelijkheden gegeven op grond waarvan het retentierecht kan worden ingeroepen. De meest gebruikte is daarbij de regeling rondom opschorting.

Voldoet een schuldenaar een opeisbare vordering niet, dan mag de schuldeiser de nakoming van zijn verbintenis opschorten. Komt die verbintenis neer op teruggave van een zaak, dan zorgt het retentierecht dat dat mogelijk is. Overigens moet er wel voldoende samenhang tussen beide vorderingen bestaan om dat te rechtvaardigen.

In het geval van wederkerige overeenkomsten, is het opschortingsrecht al in te roepen indien de schuldeiser goede redenen heeft om te vermoeden dat de schuldenaar niet gaat nakomen. Ook dan kan het retentierecht worden gebruikt.

Verder geeft de wet nog een aantal specifieke mogelijkheden om het inroepen van het retentierecht op te gronden. Het is verstandig om in een concreet geval altijd de hulp van een jurist in te roepen. Dat geldt te meer omdat het onterecht inroepen van het retentierecht een plicht tot het moeten betalen van schadevergoeding kan opleveren.

Retentierecht in faillissement

Wanneer de schuldenaar in een faillissement terecht komt, verandert er veel in de verhouding schuldeiser-schuldenaar. Het retentierecht blijft echter gewoon bestaan.

Wel kan de curator uiteraard de vordering voldoen en de zaak zo terugkrijgen. Ook mag de curator de zaak opeisen en verkopen. Degene met het retentierecht heeft dan voorrang op het verhalen van zijn vordering op de opbrengst van de zaak.

Is de schuldeiser met het retentierecht bang voor opeising van het goed door de curator, dan kan hij de curator een redelijke termijn stellen om het goed op te eisen. Doet de curator dat niet binnen de termijn (en laat hij de rechter-commissaris de termijn niet verlengen), dan mag hij het goed door middel van parate executie verkopen.

Einde retentierecht

Het retentierecht duurt niet eeuwig. Wanneer de uit de wet voortvloeiende bevoegdheid er niet meer is (bijvoorbeeld, de bevoegdheid tot opschorting is weggevallen omdat de schuldenaar zijn deel van de overeenkomst is nagekomen), dan vervalt ook het retentierecht.

Tevens vervalt het retentierecht wanneer de zaak weer in de macht van de schuldenaar komt. Denk daarbij aan de situatie waarin de schuldeiser de schuldenaar toch zijn zaak teruggeeft. Opnieuw het retentierecht inroepen kan dan niet meer, tenzij de zaak opnieuw bij de schuldeiser terecht zou komen.

Voorbeeld retentierecht

Een voorbeeld van het gebruik van het retentierecht is bijvoorbeeld de volgende situatie:

Peter is fietsenmaker en krijgt van Jacob een fiets om te repareren. Als Jacob terugkomt om de fiets op te halen, geeft hij aan dat hij geen geld heeft om te betalen. Peter weet daarom dat Jacob tekort zal schieten in zijn prestatie. Jacob eist echter wel zijn fiets op: die is immers zijn eigendom.

Peter kan het retentierecht inroepen. Hij mag immers de nakoming van zijn verbintenis die voortvloeit uit de overeenkomst opschorten. Zo heeft hij een pressiemiddel om Jacob te dwingen eerst te betalen.

De opschorting mag duren totdat Jacob heeft betaald: zodra dat is gebeurd, vervalt het recht om op te schorten en vervalt daarmee ook het retentierecht.

Conclusie – Retentierecht

Het retentierecht is een goederenrechtelijk recht van de schuldenaar. Het kan door een schuldenaar worden ingeroepen indien hij een zaak moet teruggeven, maar hij de nakoming van zijn verbintenis bijvoorbeeld kan opschorten. Retentierecht bestaat enkel wanneer dat in de wet is aangegeven.

Wordt het retentierecht onterecht ingeroepen, dan kan dat leiden tot een schadevergoedingsplicht. Het is daarom van belang om altijd goed te controleren of er een reden is om het retentierecht in te roepen. Bij (dreigende) conflicten is het verstandig om een jurist in te schakelen.

Auteur

mr. B.G.N. (Bart) Gubbels - Advocaat
handels- en ondernemingsrecht, arbeidsrecht, contractenrecht


Juridische hulp nodig?

Onze advocaten laten u graag weten wat ze voor u kunnen betekenen: van adviseren tot procederen. Lees meer over onze zakelijke diensten, onze diensten voor particulieren of neem direct contact met ons op via onderstaande knop.

Neem contact op